Copyright 2010
Built with Indexhibit
Concept: Doos in de Kubus Maquette Kubus Maquette Kubus Concept: doos en spouw Maquette Woning Scenario deel 1 Scenario deel 2 Plattegronden Plattegronden Doorsneden Doorsneden

Maniërisme, de woonkubus.


2008 – Masterproject, Technische Universiteit Eindhoven.

Klassiek is Antiklassiek: de Woning als Subject

Vanuit de bestudering van te onderscheiden stijlfiguren binnen het maniërisme zijn door tien studenten in een kubus van 20x20x20 meter 10 woningen die elk uitgaan van één van deze figuren. In een spel van onderhandeling en samenwerking zijn de woningen en openbare ruimte in de kubus met elkaar verweven.

De maniëristische stijlfiguur ‘klassiek is antiklassiek’ komt voort uit de continuïteit van stromingen, de ene stijl is per definitie een reactie op of een aangepaste voortzetting van het bestaande. De maniëristische reactie op het klassieke is te omschrijven als een stijlfiguur. De maniëristisch denkfiguur is die van gekunsteldheid en pure oogesthetiek, hiermee gaat het tegen de ordelijkheid en het gereguleerde van het klassieke in. Toch doen ze dit niet door het klassieke los te laten en te opnieuw te beginnen, in tegenstelling, ze willen juist in hun ogen het klassieke ideaal verbeteren en perfectioneren. Er is dus sprake van tegenspraak en de omkering ervan. Het maniëristische staat tegenover het klassieke, maar tegelijk is het een eigen vorm van klassiek zijn: Klassiek is antiklassiek.

Vanuit het vertalen van de maniëristische denkfiguur naar een woonfiguur in de kubus is hiermee gespeeld. Het heeft een woning opgeleverd, die gaat over de subjectivering van het woonobject als verbeelding van “klassiek is antiklassiek”. De woning is een in eerste instantie een lege doos die in de kubus gedrukt is als de- en recontextualisatie van een klassieke vorm op een gekunstelde plek. Door de doos in de kubus te drukken ontstaat er bij de aansluiting met de buren een spouw, hier vindt het leven in eerste instantie plaats. De doos is bij een scherpere blik niet helemaal strak, haar oppervlak vertoont een patroon, dit geld ook voor de plekken waar de spouw grenst aan de openbare ruimte. Om licht te krijgen en het leven uit te breiden moet de bewoner schijnbaar bekende artefacten en oppervlakken vervormen. Door eraan te trekken, te schuiven en te draaien word de ordelijke rechthoekige ruimte aangetast en ook de relatie met de openbare ruimte en de buren. De bewoner wordt zich bewust van ruimte en van de conventies die hij toekent aan de artefacten. Deze blijken ineens een dialectisch of in ieder geval geen eenduidig gebruik te hebben. Wat betreft binnen en buiten, privé en openbaar, is het ook een avontuur. Is de grote witte ruimte binnen of buiten? In de openbare ruimte van de kubus is de woning heel gesloten tot heel open waarbij het diezelfde openbare ruimte voorziet van lege, abstracte transportruimte tot een plek waar gezeten, gelezen, gekletst en gegeten kan worden. Het ontwerp brengt ook voor de andere bewoners elke keer weer het avontuur. De schijnbare klassieke doos heeft hier dus een antiklassiek gebruik gekregen, waar het niet dat het in de eerste plaats uitgaat van het klassieke en dit niet wegpoetst.

Het omzetten van een denkfiguur uit het maniërisme naar een hedendaags woonfiguur, levert een stroom aan herinterpretaties van het wonen op. Of dit comfortabele woningen oplevert is zeer de vraag. In ieder geval is het avontuurlijk en leid tot ontwerpen die het wonen avontuurlijk benaderen. Los van preutsheid, bangheid en regelgeving worden het woningen waar nieuwsgierig en misschien wel voyeuristisch geleefd kan worden. Het maniërisme en zijn figuren zet aan tot een vrijheid van inventie en virtuositeit die niet bang is een tegenstrijdige of complexe relatie aan te moeten gaan, sterker nog het omarmt het, elke impuls is er één om nog een stap verder te gaan.

Bij dit project hoort een Essay over het Maniërisme, haar denkfiguren en het vertalen naar de woonfiguur: Maniërisme_Essay.pdf